zondag 6 maart 2016

HEB MEELIJ MET DE ARME VEILINGMEESTER



Wees maar blij, beste lezer, dat u geen veilingmeester bent! Daar zijn natuurlijk een heleboel redenen voor te bedenken, maar een ervan is toch zeker dat u dan onvermijdelijk wordt bestoookt met ‘originele Lucebert tekeningen’. En dan is het aan u  om in ieder individueel geval uit te maken of het werk echt is of niet, en of u het dus wel of niet in de veiling kunt opnemen. En laten we eerlijk zijn, dat is een lot dat je niemand toewenst.

Lucebert was een genie, maar een ongrijpbaar genie. Zelfs als je het werk goed kent en denkt dat je genoeg criteria hebt om een werk op echtheid te beoordelen, zet hij je geregeld op het verkeerde been. Dan kom je in een catalogus weer een werk tegen dat al je zorgvuldig beredeneerde criteria in een klap weer omver lijkt te kegelen. Of je ziet een werk waarbij je onmiddellijk het onaangename gevoel krijgt dat je, als dit je buiten iedere context was voorgelegd, toch op zijn minst ernstige twijfels zou hebben. Het is die onvoorspelbaarheid die het artistiek-criminele circuit, dat graag een paar euro’s bijverdient, in de kaart speelt. Lucebert maakt vreemde grillige tekeningen, dus een vreemde grillige tekening zou heel goed van Lucebert kunnen zijn, zeker als je bestaande werken als voorbeeld neemt en een beetje oefent op de handtekening. 

In het geval van Karel Appel kun je een werk voorleggen aan de Karel Appel Foundation, of aan Jan Nieuwenhuizen Segaar, bij Heyboer kun je de weduwen vragen, maar Lucebert is er niemand wiens oordeel als definitief kan gelden. Een goedwillende verkoper die twijfels had over een schilderij en Luceberts dochter benaderde, kreeg geen antwoord. Lijkt niet correct, maar is ook wel weer begrijpelijjk. Als ze zou ingaan op alle verzoeken om werken van haar vader op echtheid te beoordelen, kon ze binnenkort iedere andere baan wel opzeggen.

Hieronder staat de oogst van een weekje Marktplaats, voor zover het 'origineel werk' betreft. Het lijkt me weinig zinvol om ieder werk apart te gaan bekijken (ik kijk wel uit met al die boze verkopers), maar als u het mij zou vragen (en ik ben blij dat u dat niet doet) zou ik toch zeker zeven werken als ‘vals’ aanmerken, en vier als ‘twijfelachtig’. Dat wil niet zeggen dat die laatsten waarschijnlijk ook vals zijn, maar gewoon dat ik er geen stellige uitspraak over durf te doen. Maar er is niet één bij waarvoor ik mijn hand in het vuur zou durven steken, voor wat dat waard is. Nederland wordt overstroomd door valse Luceberts, waarschijnlijk valse Luceberts, mogelijk valse Luceberts, en soms ook echte Luceberts. Dat is treurigmakend en frustrerend.

Maar wie moet het dan wel zeggen? Juist, de veilingmeester. En wel meteen. Ja of nee. Vals of echt. 

Arme ziel.


















vrijdag 4 maart 2016

LOST IN THE ART WORLD 4: De loze suggestie



De laatste aflevering van Lost in the Art World, ooit bedacht als een een miniserie over dubieuze praktijken, bedrog en vervalsing in de kunstwereld en daarmee als tips voor de argeloze veilingbezoeker, dateert alweer van lange tijd geleden, maar soms kom je een voorbeeld dat zo illustratief is voor bepaalde praktijken dat het toch nuttig is om er nieuw stukje aan te wijden. Zoals bij dit luxe ingelijste werkje dat wordt omschreven als ‘Vissersvrouwen’, ‘gemengde techniek’, voorzien van ‘G.H.B. initialen’.




Formeel valt daar ook niets op aan te merken. Natuurlijk, het veilinghuis weet donders goed dat dit geen tekening van George Hendrik Breitner is, anders hadden ze het wel op topstuk in hun kunstveiling gepresenteerd, en niet weggestopt in een inboedelveiling. Maar de maker heeft wel geprobeerd die indruk te wekken, in de stille hoop dat tussen al die kijkdaggangers iemand rondloopt die, misschien tegen beter weten in, wordt bevangen door het ‘klappergevoel’, de ijdele hoop dat hij iets heeft ontdekt dat niemand anders heeft gezien, zelfs het veilinghuis niet, en dat hij zich met een beetje geluk binnenkort voor een paar tientjes de trotse eigenaar mag noemen van een echte Breitner. Want je weet maar nooit.

Allemaal onzin natuurlijk, en in dit geval zal alleen de meest onervaren veilingbezoeker daar misschien intrappen. Maar waarom dit werkje dan toch opgenomen? Zo wordt toch op zijn minst de schijn gewekt dat ook de veilinghouder het heeft gemunt op die enkele naïeveling, in de hoop dat, als er daar toevallig twee van zijn, de prijs nog redelijk kan oplopen.

Veilinghouders, gewoon niet doen! De inbrenger gewoon meedelen dat hier een valse suggestie wordt gewekt en dat het werkje dus niet geschikt is voor de veiling. Als iedereen dat zou doen, had de onbekende maker zich een hoop moeite kunnen besparen.

vrijdag 16 oktober 2015

ODE AAN PAULA



De foto's die Hendrik Kerstens in de loop der jaren maakte van zijn dochter Paula hebben in korte tijd een klassieke status verworven en worden met groot succes geëxposeerd in galeries en musea over de hele wereld. Ook in de Verenigde Staten, zoals mag blijken uit de beschrijving van deze uitgave door een vooraanstaand Amerikaans antiquaar, die het  aanduidt als 'one of the most beautiful art photography books of our time' en 'a contemporary art photography classic'.

Mooie foto's, dacht ik toen ik ze een paar jaar geleden voor het eerst zag, maar ook een beetje een 'gimmick'. Even is leuk, maar je kunt er niet eindeloos mee doorgaan. Maar nu ik vorige week twee 'Paula-boeken' tegelijk binnenkreeg en weer uitgebreid en gefascineerd heb zitten bladeren, blijkt opnieuw hoezeer ik het destijds bij het verkeerde eind had. Want de foto's blijven, ook na verloop van tijd, moeiteloos overeind. Alleen waarom? In de meeste teksten over Kerstens' foto's wordt breed uitgemeten hoe de fotograaf een brug weet te slaan tussen hedendaagse fotografie en de klassieke Nederlandse schilderkunst uit de zeventiende eeuw, met name Vermeer. Het heeft te maken met positionering, en met belichting, en het is helemaal waar. Briljant gedaan. 




Maar er komt nog iets bij. In laatste instantie is het niet de uitdossing, de theedoek op het hoofd, bubbeltjesplastic, een prullenmand, al die mooi uitgewerkte ideeën die de foto's de moeite waard maken. Want de werkelijke ster is Paula zelf. Een prachtig klassiek gezicht, steeds in dezelfde houding gefotografeerd: schuin van opzij, het hoofd iets gedraaid, de blik in de camera, ernstig kijkend. Maar juist door deze formeel bijna identieke opstelling valt op hoezeer zij iedere foto een andere gevoelswaarde weet te geven, door subtiele verschillen in gezichtsuitdrukking, de blik in haar ogen.  Natuurlijk, vader Kerstens heeft het allemaal gezien, en vastgelegd. Maar zonder model geen fotograaf. Hendrik Kerstens mag zich gelukkig prijzen met zo'n dochter, maar zeker ook met zo'n model.






In september 2013 waren Hendrik en Paula Kerstens te gast bij Pauw en Witteman:





ZANGERES ZONDER NAAM ZINGT LUCEBERT




Blij met een nieuwe aanwinst: De Soldatenmoeder, gezongen door de Zangeres Zonder Naam, tekst van Lucebert, muziek van Bruno Maderna. Zij 'heeft haar zonen in de krijg verloren/ Zij haat de roden nu, die ziet ze overal'. De roden komen binnen, 'in brood verborgen', en wonen 'onder de vloeren van haar huis'. De soldatenmoeder eindigt als lichtekooi die zich 'geeft aan Vietkongsoldaten' . 'O mensen, dit deden de rooien uit Hanoi'.

Hartverscheurend, nietwaar? En uiterst zeldzaam. Maar staat niet in de Verzamelde Gedichten. Waarom eigenlijk niet?

zondag 8 maart 2015

HET VALSE APPEL ARCHIEF - aflevering 18





Onlangs werd ik erop attent gemaakt dat in het Valse Appel Archief een van de meest voorkomende vervalsingen ontbreekt, namelijk de Ariel-vogel uit 1974. Dat klopt, en een goede reden kan ik er niet voor bedenken. Geen zin meer waarschijnlijk. Maar hierbij alsnog.

Eerder in het VAA  is al ter sprake gekomen hoe sommige galeries voor een tentoonstellingsaffiche gebruik maken van een bestaande litho. Als de reguliere editie van bijvoorbeeld 100 genummerde en gesigneerde exemplaren klaar is, wordt van dezelfde stenen, vaak op goedkoper papier, het tentoonstellingsaffiche gedrukt, met toegevoegde tekst.
Maar het gebeurt ook dat een prent alleen in affichevorm wordt uitgebracht, en in sommige gevalen lijkt een vervalser dan de omgekeerde weg te bewandelen. Hij neemt het beeld van het affiche als uitgangspunt, laat de tekst weg en wil zo de liefhebber laten geloven dat er ook een reguliere editie gesigneerde editie bestaat, terwijl dit niet het geval is. We hebben dit gezien bij het Collection d’Art affiche in aflevering 11 en bij het Palm Springs affiche in nummer 10. Een vergelijkbaar geval is de aankondiging die Appel in 1974 maakte voor Galerie Ariel in Parijs.   



De vervalsing lijkt een vrij exacte kopie, maar bij nadere bestudering  vallen in ieder geval twee dingen op. In het origineel zitten hier en daar kleine zwarte randjes, bijvoorbeeld boven het linkeroog en aan het eind van de rode krul in het midden. Ze suggereren dat bij de eerste drukgang het gehele beeldvlak zwart werd gemaakt, en dat deze zwarte ondergrond na de volgende drukgangen hier en daar nog in het beeld kierde, op plekken waar de vlakken net niet helemaal op elkaar aansloten. Slordigheid, zou je kunnen denken, maar het levert ook een wat levendiger beeld op dan de wat steriel aandoende  vervalsing. Gemakkelijker om te herkennen is echter het bovenste oog, dat in het originele affiche werd gedrukt in zwart en paars, maar in de vervalsing zwart en rood is. Waarbij opgemerkt mag worden dat afwijkingen in een vervalsing niet per definitie een verslechtering zijn.

Een uiterst nuttig naslagwerk voor de affiches van Appel, en vele anderen, is de tweedelige set Arte Affiches, uitgegeven door Adrien Maeght in 1985. De boeken geven een overzicht van alle Arte affiches van 1964 tot 1977. In het colofon worden ons nog twee delen in het vooruitzicht gesteld, die de periode 1978-1985 zouden behandelen, maar die zijn, bij mijn weten, nooit verschenen. Ik heb  ze in ieder geval niet kunnen vinden. Hoe dan ook, deel II geeft op als nr 256 een paginagrote afbeelding van dit affiche.






.

dinsdag 3 maart 2015

HET VALSE APPEL ARCHIEF - aflevering 17




In de loop van de 16 delen van het Valse Appel Archief is een aantal keren verwezen naar de eerste aflevering van het televisieprogramma Het Zwarte Schaap. De opzet van het programma was om steeds een bekende Nederlander uit te nodigen die als ‘controversieel’ kon worden gekenschetst, variërend van Willem Oltmans en de weduwe Rost van Tonningen tot medium Jomanda en Centrum Partij voorman Janmaat. Zij werden ondervraagd door Inge Diepman, die destijds (terecht) werd beschouwd als een opkomend talent in medialand, maar die niet heel lang daarna om onduidelijke redenen weer van het scherm verdween. Om het geheel wat levendiger te maken, werden ‘achter het hek’ ook een aantal mensen uitgenodigd die een duidelijke mening over de gast in kwestie hadden, in de hoop dat zo een levendige discussie zou ontstaan. En dat lukte in veel gevallen ook, soms iets levendiger dan misschien wel de bedoeling was.

De eerste aflevering was gewijd aan Geert Jan Jansen, en omdat het een nieuw programma was, kreeg het veel aandacht in de media. Naast Jansen waren als gasten onder meer uitgenodigd Jan Pieter Glerum, Neerlands knuffelveilinghouder, Jan Nieuwenhuizen Segaar, algemeen gerespecteerd Appel-expert, Jeff Hagen, taxateur, en Henk Plenter en Erna Jansen, bestierders van het Valse Kunst Museum in Vledder.

Het werd een buitengewoon geanimeerde discussie, waarin Inge Diepman niet schroomde om een aantal scherpe vragen te stellen, iets wat niet altijd gezegd kan worden van latere interviewers. Maar het amusementsgehalte werd toch ook bepaald door de andere gasten, zoals Jeff Hagen, die zich bozer maakte dan goed voor hem was, en door Henk en Erna Plenter, die de show stalen met hun ‘naïeve’ valse kunst verhaal.

En, het moet maar gezegd worden, mocht u op de gastenrij denken schrijver dezes te herkennen, dan klopt dat. Hij was ook uitgenodigd, net als de beeldschone kunsthistorica naast hem. Maar toen twee uur studiodiscussie uiteindelijk moest worden ingekort tot drie kwartier, vielen zowel hij als zij ten prooi aan de schaar van de redacteur. Niet interessant genoeg. Geen leuke televisie. Hebt u enig idee wat dat met iemands ego doet? Maar je moet ermee leren leven.

Het programma is, in vier delen, terug te kijken op YouTube. Desalniettemin van harte aanbevolen.


http://youtu.be/2sgBwU6tckU

HET VALSE APPEL ARCHIEF - aflevering 16



De derde prent waarop de Appel-kenners in de Art Crime uitzending van Discovery Channel hun krachten mochten botvieren was een kleurenlitho uitgegeven door L'Oeuvre Gravée, de beroemde uitgeverij van Nesto Jacometti die bij elkaar 40 stuks Appel-grafiek heeft uitgegeven. Ze staan allemaal beschreven in deel 1 van de 'Lascito Jacometti', een overzicht van alle kunst die hij had verzameld en zelf had uitgegeven. De Appel-prenten dragen de nrs LNJ 2 t/m 41. Deze kleurenlitho heet 'Confidences' en dateert uit 1969.

Op dit punt deed zich echter een ernstig probleem voor. Zodra de prent in beeld kwam, stond er met grote letters 'vals' op het scherm. VanderVet en Daniels bekeken het blad van voren en achteren en kwamen beiden uiteindelijk tot de conclusie dat deze toch 'goed' moest zijn. De handtekening leek weliswaar een beetje knullig, maar het papier droeg wel het droogstempel van Oeuvre Gravée, en verder leek er ook weinig mis mee. Toen ze te horen kregen dat het hier om een vervalsing ging, waren hun reacties opmerkelijk. Daniels was verbaasd, en enigszins sceptisch. VanderVet ging een stap verder en besloot de scene met een gedecideerd: 'Ik ben het er niet mee eens!'

De redactie wist het ook even niet meer. In de inleiding was nog gesproken van een meesterlijke vervalsing, geleend van Geert Jan Jansen zelf. Wat was er aan de hand?





'We zullen het nooit weten,' zei de commentaarstem. Misschien is dat wel zo, maar er vallen toch wel enige kanttekeningen te maken. Wat vervalsingsrisico betreft zit deze prent wel in de gevarenzone. Rond 1965 verandert Appels stijl. Na zijn dynamische, meer tekenachtige stijl (volgens sommigen, onder wie yours truly, zijn beste periode) begint hij nu te werken in grotere, tamelijk egale kleurvlakken, en het is juist deze stijl die zich leent voor vervalsing door middel van zeefdruk, omdat het beeld op te delen is in vlakken en vlakjes. Daar staat tegenover dat je deze prent betrekkelijk weinig tegenkomt, in tegenstelling tot de vele bekende vervalsingen, die je voortdurend op de verkeerde plaatsen aantreft. Statistisch gezien is de kans dat hij vals is dus kleiner. Maar dat is nauwelijks bewijs te noemen.

Maar er is nog iets. De zwakke plek in de organisatie van het programma was natuurlijk dat in ieder geval een deel van de prenten was geleend van Jansen zelf. De vogelkop was al eerder als vervalsing geïdentificeerd en wie ooit een lezing van Jansen heeft bijgewoond, weet dat hij daar ook geregeld dit soort Appel-tekeningen bij zich had. Ook op de valse-kunst-exposities waartoe sommige al dan niet artistieke ondernemers zich hebben laten verleiden, was geregeld dit soort werk te zien (en te koop). Niet echt heel moeilijk te determineren dus. Maar Jansen is niet gebaat bij duidelijkheid. Wat hij nodig heeft is mysterie, onzekerheid. Te pas en te onpas herhaalt hij dat er werk van hem in beroemde musea hangt. Natuurlijk zegt hij niet welke, want dan is de lol eraf. Experts van de grote veilinghuizen laten zich bedotten, zegt hij, ja, zelfs Karel Appel zelf weet niet meer of sommige werken nu van hem of van Jansen zijn.

Maar dit alles is natuurlijk een bewust gekozen strategie. Al deze dingen dragen bij tot het in stand houden van de door hemzelf gecreëerde mythe. We zijn ons leven niet zeker, want ieder schilderij van een grote meester zou wel eens van de hand van Jansen kunnen zijn. Maar het moment er duidelijkheid komt, is Geert Jan Jansen voor de media niet interessant meer. Hij kan zich dus niet permitteren dat de experts precies kunnen meedelen welke prenten goed zijn en welke niet, want dat zou het einde van de mythe betekenen. En die mythe streelt niet alleen zijn ego, het betekent ook publiciteit en brood op de plank. Zelf verklaarde hij in kleine kring dat hij voor Discovery 'een perfecte vervalsing' had meegegeven, met vervalst Oeuvre Gravée droogstempel en al.

Het zou kunnen. Maar ik houd ook terdege rekening met de mogelijkheid dat 'Confidences' gewoon een echte Appel was, maar dat Jansen hem zelf als 'vals' had aangemerkt, om de verwarring compleet te maken. Gewoon voor de zekerheid. Want de (impliciete) bedoeling van de Appel-quiz was natuurlijk om te laten zien dat de experts het ook niet weten en elkaar tegenspreken. Als de panelleden feilloos en unaniem de valse van de echte werken hadden weten te scheiden, was het programma, in zekere zin, mislukt. Dan was de meestervervalser gewoon door de mand gevallen. Einde verhaal. En daar was niemand bij gebaat geweest, de programmamakers niet, en Geert Jan Jansen al helemaal niet.

.